Glastonbury intro

Glastonbury
Bridget, Bride
De zwaan, die door het landschap vliegt van no-zw, met de oude vrouw op haar rug. Bridget wordt geassocieerd met Glastonbury vanwege de natuurlijke vogelvorm , en de zwaan was een van haar totemdieren
Wearyall Hill is de nek van de zwaan en het hoofd en de Tor, Chalice Hill, Windmill Hill en Stonedown vormen de rest van haar lichaam
In de folklore is Bridget een zwanenmeisje die van de emotionele wateren naar de hemelse sferen vliegt waarbij ze transformeert van het mooie meisje in een sneeuwwitte zwaan. Een ander totem van haar is de witte koe met de rode oren. En de slang en de wolf.
“Perfect is my seat in the Faery Fortress (Caer Siddi).
Neither plague nor age harms him who dwells therein.
Manawydan and Pryderi know it…
And around its corners are ocean’s currents.
And the fructifying spring is above it.
Sweeter than white wine is the drink in it.”
– Taliesin, Mabinogion
De prehistorische versie van de heilige graal is beschreven in een van de gedichten van de bard Taliesin. Koning Arthur en zijn gevolg gaan het rijk van Annwn binnen en brengen de cauldron mee terug. “Caer Siddi” is het mythische rijk, men zegt dat dit in de Tor is.
The spoils of Annwn by Taliesin (550)
I praise the Lord, the Sovereign of the royal realm,
Who has extended his sway over the tract of the world.
Gwair’s prison in Caer Siddi was in order
Throughout the course of the story concerning Pwyll and Pryderi.
No-one before him went into it –
Into the heavy grey chain which was restraining the loyal youth.
And on account of the spoils of Annwfn he was singing bitterly
And our (own) poetic invocation shall continue until Judgement(-Day).
We went, three full loads of Prydwen, into it;
Apart from seven, none came back up from Caer Siddi.
I am one who is splendid in (making) fame: the song was heard
In the four-turreted fort, fully revolving.
It was concerning the cauldron that my first utterance was spoken:
It [ie the cauldron] was kindled by the breath of nine maidens.
The cauldron of the Chieftain of Annwfn: what is its faculty?
– Dark (ornament) and pearls around its rim –
Advertisements

Ervaringstocht Bilderbergse Bos

We staan op een oud verbindingspunt.

Ik zie spinnen met eieren op verschillende plekken en vanuit al hun nesten lopen de draden naar alle andere nesten, in het midden op het centrale verbindingspunt zie ik een doodskop. De doodskop verandert in het gezicht van een blonde jonge vrouw. Arachne uit Griekenland komt boven, Ariadne uit Kreta ook, Arianrhod, Keltisch, één van de aspecten van de vrouwelijke god, vage beelden van lang geleden.
We eten een stuk appeltaart met slagroom, offeren een groot stuk aan de omgeving, doen enkele bewegingsoefeningen en strekken ons daarna uit op de grond voor waarnemen en meditatie.
Ik zie twee wezens, twee lichtwezens aan weerszijden. Ze beschermen en behoeden me.
Vervolgens zie ik kabouters en andere kleine kabouterachtige mensen, daarna zie ik andere wezens, elfen, maar niet van het Victoriaanse soort. Ik reis door tijd en ruimte en ontmoet hierin andere wezens.
Bij de ingang van het bos bij de overgang van een diepte voel ik een waterader. Het voelt zwaar, maar het bos is niet onplezierig, bijna een sprookjesbos. Langs het zandpad ontmoeten we een drakenkop.
Een mooie plek bij de Wodanseiken. Wodanseiken zijn eigenlijk eiken die door de bliksem zijn geraakt en door zijn blijven leven. Deze niet, voor deze Wodanseiken werd de naam rond 1850 bedacht door Gerard en Johannes Warnardus Bilders, van de Oosterbeekse School van landschapsschilders.
We verspreiden ons, alleen of in groepjes, aan weerszijden van een spreng. Deze Wolfhezer beek is rond 1550 gegraven, dus zo oud zullen de oudste eiken vermoedelijk ook zijn. Maar wie weet, stonden er ook al een of meer voor die tijd. Vreemd genoeg zie je op vroegere schilderijen de eiken in een heide-landschap staan. Maar Hees betekent bos. Wolvenbos was het hier dus heel vroeger. Wodan en Wolf!
Ik ga alleen, daal een meter af om tegen een gigantische eik – een iets minder oude eik – te leunen.
Ik zie een “kamp”, een tijdelijke neerzetting in de middeleeuwen, reizigers, een stam of groep die al enige tijd onderweg is. In die tijd ook bos, geen diepe beek, wel water en bedrijvigheid, mannen, vrouwen, kinderen, wapens, dieren. Er zijn karresporen.
In het nu zijn er een diepe beek met alleen wat modderwater. Stilte.
Hier is gebrek aan water voel ik, er stroomt geen water meer. Wel vliegt er een ijsvogeltje laag over de modderlaag. Een merel zingt, een vinkje slaat. De oude bomen zijn gestressed door watergebrek. Er hangt een zware geur van inktzwammen en op Jann?s T-shirt daalt een eikenprocessierups.
Onder de voet van een andere eik vind ik het nestje van een steenhommel.
De bosbessen zijn rijp.
Wanneer ik de binnenkant van een afgebroken stam aanraak wordt ik licht in mijn hoofd en voel ik iets me naar boven trekken. Ik sla mijn arm om de eik en op de noordkant van die zelfde eik voel ik mos, zacht en aardend.
Voor mij is deze plek heel ontspannend.
Ik moet lachen om de kreten die L. slaakt. Uitbundig!
Wodan -de woedende of bezetene- (Odin in Scandinavië)
Onze woensdag is naar hem vernoemd en hij is de oppergod. Aan hem werden mensenoffers gebracht.
De god van de heersers, maar ook van de dichters en de magiërs.
Ik heb zelf meer met de naam Odin, dan gaat deze god meer voor mij leven.
Mijn Associaties:
Macht en kennis
Schrift: de runen
Wolven, raven
Niet ver van de eiken lag vroeger het dorp Wolfheze, met een kerk en een schans. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog is het dorp plat-gebrand en later verlaten. Nu is er nog een ?kerkheuvel?. De weg er langs was vroeger de weg tussen Arnhem en Wageningen.
Verderop twee grafheuvels, er achter een steilte naar beneden.
Ik word stil, hier is veel gebeurd in de loop van de eeuwen. Maar dan zie ik een groep vrouwen en meisjes in achtvorm tussen de grafheuvels doorgaan. Ze zijn vrolijk en dragen lichte lange grofgeweven gewaden. Als ze vervagen loop ik zelf in achtvorm tussen de heuvels en om de heuvels en strooi er de rozenbladeren uit die ik van huis heb meegebracht. Met het geurende rozenwater wast iedereen de handen en de laatste beker giet ik uit tussen de twee grafheuvels.
Afscheid, wat chaotisch weer, zoals vaker, maar dit was de laatste keer.

Kozijnen

De nieuwe kozijnen zitten er in!
Toch nog onverwachts belde de vrouw van de aannemer en vorige week en gisteren zijn ze met 2 man + Gearr aan het werk gegaan om alle kozijnen beneden te vervangen.
Het resultaat is geweldig mooi. En de nieuwe voordeur heeft twee ogen.

Nieuwe Kozijnen
supplied by Druid

Ervaringstocht naar Kampen

Kampen, gelegen op de westelijke oever van de IJssel, i.t.t. de meeste Hanzesteden, die op de oostelijke oever van deze rivier liggen. De bodem bestaat uit klei en veen. De naam is vermoedelijk ontstaan uit de naam van de strepen land die ontstonden in het veen en “kampen” werden genoemd. De eerste inwoners wierpen terpen op om zich er te vestigen, ze hielden zich bezig met landbouw en visserij, later werden de terpen verbonden en ontstonden dijken, de bevolking groeide en in de loop van de tijd werd het belang van de IJssel, als handelsrivier tussen de Rijn en de Zuiderzee en de handel met Scandinavië steeds belangrijker. In de 13e eeuw kreeg de plaats stadsrechten. Het werd een rijke stad, met in de 14e eeuw de grootste handelsvloot van Nederland. Toen de vers water toevoer van de IJssel afnam, de Hanzesteden hun handelsprivileges ontnomen werden en de handel op de Atlantische oceaan toenam verloor Kampen haar belangrijke positie aan het westen, vnl. aan Amsterdam. Land van overstromingen.

Ik heb de kaart van de stad – thuis, van te voren – snel gependeld. Ten noorden van de brug draait de pendel rechtsom, daar moet ik zijn. Aan de zuidkant, waar de gracht overgaat in de IJssel voelt het vreemd en nog verder naar het zuiden waar een soort haventje is, trekt de pendel heftig naar die plek.
We komen aanrijden vanuit de polder via IJsselmuiden en van een afstand zie ik boven de grote Mariakerk een gouden licht. Boven de Zuidelijke Bovenkerk of Sint-Nicolaaskerk zie ik een donkere grijze energie boven en om de kerk.

We parkeren bij het station, waar we elkaar ontmoeten en begroeten.

We wandelen “langzaam” over de brug de stad in. De IJssel heeft voor mij een zachte energie. Er zijn energievormen die doen denken aan dolfijnen of aan Selkies.
Aan de Noordzijde van de stad voelt de energie voor mij zachter dan aan de Zuidzijde. Het zuidelijke deel is het oudste deel, vandaar uit is de stad begonnen.
Buiten de stadsmuur is er een energetisch veld dat linksom draait, dat diende om mensen buiten te houden.
==LES==
Als iets niet meer gebruikt wordt zou het eerst “ontwijd” moeten worden.
Ook bij huizen: als je gaat verhuizen zou je de plek moeten ontwijden die je eerst toen je er kwam wonen hebt ingewijd.
Als een plek niet helemaal beantwoord dan moet er veel gemanipuleerd worden. Dan heerst daar veel pijn. Dit is te vergelijken met mensen die vinden dat ze niet helemaal goed zijn zoals ze geschapen zijn en zich dan gaan aanpassen en aan zichzelf laten schaven.
Ontmoeting:
Wat opent zich, en wat sluit zich. Ook als mensen elkaar ontmoeten is er een deel dat zich open stelt en een deel dat zich sluit voor de ander.
Door het bezoeken van plekken leer je jezelf kennen. Dat is de essentie van de geomantie.
Wat wordt er wakker? Dat heeft ook te maken met je voorkeuren. Ben je getraind dan zoek je ook op wat je niet wilt aangaan, ben je ongetraind dan zoek je je voorkeuren op.
Je hebt de keuzevrijheid je voorkeur of afkeur te zoeken. Zelfkennis is belangrijk.
Ga je op pad dan kom je jezelf tegen, beweging is dus belangrijk.
Er zijn collectieve plekken waar veel mensen komen en persoonlijke plekken.
Vraag jezelf ook altijd af: wil de plek iets of wil ik iets?
==EINDE LESDEEL==
We wandelen door het centrum en gaan dan richting zuiden naar de Bovenkerk. Aan deze kerk is in de loop van de tijd heel veel verbouwd en van alles gewijzigd. Het is een Hervormde Kerk, in 1572 door hen bezet, waarbij het interieur grotendeels vernietigd is. Op de volgende bladzijde staat een stadsplattegrond met ligging. De oude toren met hoge punt en ingesnoerde spits heeft een heel donkere energie rondom die spits. Het plein en de omgeving van deze toren zijn donker en voelen zwaar.
Hier is een afdeling van de theologische hogeschool in een Amsterdamse stijl pand en iets heeft daar een sterke kracht neergezet richting kerk en het muntplein.
Dit is een andere afdeling van de theologische hogeschool, gelegen op de Korenmarkt.
Ze ligt op een energielijn, en haalt energie hier uit. Voor mij leek het alsof die lijn een stuk boven de aarde loopt.
Bij het poortje aan het eind van de Korenmarkt is de energie veel lichter. We gaan door dit poortje naar de kade om de IJssel van dichtbij te begroeten. Hier is een magisch punt.
Het wordt droog weer en af en toe schijnt de zon. Vanaf de overkant komt een energie als een slang, duikt even onder en komt dan boven vlak bij ons. Er zijn ook in deze tijd nog steeds energiestromen door het poortje, ik neem er twee waar, in tegengestelde richting: de stad in en de stad uit. Er zijn ook veel andere energieën. (Me hierdoor niet af laten leiden!)
In de Kerk: via het Noorderportaal kunnen we naar binnen. Er heerst een doordringende lijklucht vind ik. Iets later, als ik het hier met J. er over heb, blijkt hij dat helemaal niet zo ervaart, hij vindt het er zelfs fris ruiken!. Ik constateer dat iets in deze Kerk voor mij dit zo neerzet. Wil iets in die kerk mij afschrikken? De kerk voelt onaangenaam, bekrompen, vast, verkrampt. Alleen bij het koor voelt het veel lichter. Hier staan de stoelen ook naar het Oosten i.t.t. in de rest van de kerk. Ik wandel links om vanuit het portaal door de kooromgang, de oude nissen van de altaren zijn vol gezet met graven, in de vloer ligt het vol met graven en ik verwonder me hier weer om.(zouden ze ooit beseft hebben dat ze het zelfde deden als sommigen van hun “heidense” voorouders, dat ze van hun heiligdommen zowel een heiligdom als een begraafplaats maakten?). De aanraking van het doopvont: ik voel een ijzige koude door me heen gaan. De klank van het orgel is goed, de akoestiek van de kerk is heel goed. J. zingt een Aum. Ik neurie later zachtjes een Awen, het klinkt geweldig. Gedachte: geen religie, hier is het materialisme belangrijk.
Na de lunch wandelen we naar de Maria Kerk. Op de route aparte gebouwen, smalle stegen, imposante gebouwen, oude gebouwen, weinig nieuw, allerlei stromingen en energieën, zowel boven, op als onder de aarde, veel mensen die “vast zitten”, veel ernstige mensen, weinig lachen, weinig vreugde die van mensenlichamen afstraalt. Maar wel een carillon dat zingt. Er zitten 2 Mariaklokken in!
Maria Kerk, de buitenkerk, ooit een kruiskerk maar nu een hallenkerk.
Het is een katholieke kerk, hoewel ooit wel een tijdje door de protestanten bezet.
Een volkse kerk in een volksbuurt.
Vrouwelijke energie, warm, koesterend, de geur van menstruatiebloed, gevoel van aardegodin, je kunt er in onderduiken. Als ik het er met J. over heb, blijkt hij het heel anders te ervaren, als iets heel zwaars.
Een zangkoor komt er een voorstelling houden, hun liederen klinken goed vind ik, als ik even blijf luisteren voordat we weer naar buiten gaan.
Op weg naar het centrum, bij een dwarsstraat komt er ineens een ander soort energie.
Wat heeft de stad nodig? Speelsheid. Bij het nabespreken op een terras oppert J. een stadswandeling in de vorm van een lemniscaat. Eerst richting Mariakerk vinden we, vandaar kun je dan de energie meenemen naar de andere kant.
Drie plaatsen bij de IJssel.
Een brug over het Ganzenerdiep. Lichtenergie op en in het water. Wind, wolken, water en zon. Hier is een spel van licht en donker over de aarde, over het groene land.
Vlak bij de monding bij het IJsselmeer op de ringdijk bij het Zwartewater. Dick spreekt hier van donkere ether. Mooie plek, rietvelden langs de oevers, glanzend licht op het water, energie die aard.
De derde plek is dicht bij de nieuwe brug in de autosnelweg. Een oever vol bloemen. Harde wind die het water terug duwt de rivier op. Vogels vliegen over het water, donkere en lichte en er tussenin flitsen de zwaluwen met hun rode borstjes. Ben ik de enige die hen ziet? Hier raken de donkere en lichte aether elkaar op een aantal plaatsen en de zwaluwen zorgen voor extra verbinding.

Nathair

Winden waaien langs de Noordkaap

We zijn even naar de Noord Kaap geweest om uit te waaien.
Waaien, uitwaaien, alle rotsooi mee laten gaan het water in, wat een wind was er! Gelukkig was het wel droog. Dikke grijze wolken vlogen langs de hemel en af en toe wierp de zon een lichte verschuivende cirkel over de aarde.

Deze week

We hebben nog 2 leergangdagen, maar die zijn pas in juni zag ik gisteren.

In plaats van te rusten zit ik te veel achter de PC. Hardleers. Ik heb een opdracht aangenomen om een webpagina te bouwen voor een therapeute in Friesland, begin er mee na de zomer, maar zal al wel de bestaande pagina gaan onderhouden.

Jann heeft het druk. Hij had zijn penningmeesterschap van de kerkcommissie overgedragen, maar nu is de voorzitster opgestapt en diegene die penningmeerster zou worden is nu voorzitter gekozen en Jann heeft gezegd dat hij daarom nog wel 2 jaar penningmeester wil zijn. Kerkcommissie is de plaatselijke commissie van de Stichting Groninger Kerken, die oude Kerken ondersteunt.

Onze aannemer is ziek dus gaat het plaatsen van de kozijnen langer duren, of liever gezegd, het zal veel later worden voor ze geplaatst kunnen worden. Jann overweegt toch een en ander zelf te gaan doen.

En alles wordt hier groen, groener, groenst. Dat gaat nu zo snel. Ik zie al wel dat we van de winter echt veel moeten gaan snoeien, anders hebben we over twee jaar helemaal geen zon meer in de tuin.

De buurvrouw is jarig en verwacht ons strakjes.

En ik ga op zoek naar valeriaan want ik ben veels te druk
Groetjes, liefs en tot mails

onwel

Gisteren werd ik onwel op mijn werk. Na onderzoek vanmorgen in het ziekenhuis en een ECG mocht ik gelukkig wel weer naar huis.

Het is me niet helemaal duidelijk wat er aan de hand is,  maar ik heb wel een afwijking aan een van de hartkamers.  De rest is wel goed (cholesterol, suiker, bloeddruk etc.)