Dromen

Mijn geest strekt zich uit naar de duinen en daar aan het strand zie ik haar staan in een groepje jonge mensen. Maar het is een andere tijd en ik schouw van ver; ze kijkt omhoog, ziet me en begint te stralen.

Advertisements

De heldere droom van de eerste nacht

Mijn mobieltje gaat en als ik opneem hoor ik de stem van een jong meisje: “Dag tante, kom je me ophalen, we zijn in de Koog? ”

Ik schiet overeind in bed en kom bij zinnen.
Ja, ik ben echt op Texel, en niet zo ver van de Koog.
Maar in werkelijkheid is mijn mobiel niet gegaan, want die staat ‘s nachts uit.

Mijn geest strekt zich uit naar de duinen en daar aan het strand zie ik haar staan in een groepje jonge mensen. Ik herken haar direct.  Er is geen dorp te zien,  er zijn slechts duinen, strand, klei, zee, en een platbodemschip.  Het is een andere tijd en ik schouw van ver.  Eeuwen geleden  . . . . .

Ze kijkt omhoog,  ziet me en begint te stralen.

Ik heb haar bevestigd.

Seabhac Nathair

Tussen Texel en Eierland lag ooit een waddeneiland, Ganc of Ganchala. Dat eiland is, net als Callantsoog en Huisduinen, totaal in zee verdwenen.  De Koog is wel een oude plek, ooit op dat duinen-eiland gelegen. bron o.a. Het Kennemer landrecht van 1274 tot het begin van de Republiek van Allan, A.J. – UVA

OHZ I, 15 (822-±825): “trado in villa Widimuntheim quod emi predium a Folcratebane, et in villa Lienesbach terram X huba rum quam Lubaldus habuerat ibi et in Ganc VIII hubarum terram quam habuerat Sosso et (tradidit bona sua) in Wester kinlo son quid hereditate possedi (quidquid hereditatis ha buit)”.

OHZ I, 25 (±2de helft 9de eeuw): “Ego Brunihilt cognomento Tetda de regione Frisonum (…) trado (…)
silvam, agros, domos, et familias, in his septem villis hoc est in Lanthoy, et in Langenmore, sive in Bretenmore,
et in Tyeslemore, et in Kintloson, et in Gankcha la”.

L.Ph.C. van den Bergh,  Handboek, p. 7: “In de gouw Tessel, ten O. van het eiland van die naam lag een “insula Ganc”, dat in de Traditiones Fuldenses genoemd wordt.  Het heette ook Ganchala (waar schijnlijk Gancha land)”. https://hdl.handle.net/2027/mdp.39015027921777

Zielestukken

Een deel van mijn ziel zat gevangen

Ik hervond een stuk van mijn ziel, gevangen op de Groningen klei.

Maar datgene dat het zielestuk meer dan 1000 jaar geleden in Noord-Groningen vastgezet had liet niet zomaar los en gaf zich niet makkelijk gewonnen. Ik moest trekken en schreeuwen en vechten. Loslaten, het is MIJN ziel!!

Mijn zielestuk schoot eindelijk vrij en in mijn hart.

NB. Het verhaal is natuurlijk veel groter, de reis erheen, de afdaling door de dood heen, de toestemming te gaan en te komen, de onderhandelingen en het overleg. En oud Vikinggedrag. 

Seabhac Nathair

Ervaringstochten op Texel

Het is oktober 2005 en we zijn op pad met cursisten van de geomantie opleiding.

Aan het water (waddenstrand)

DD tekent het eiland met vier cirkels er in, daarin zijn vier landschapsengelen. We gaan er in staan, ieder zoekt een eigen plek die het beste voelt, binnen of buiten deze tekening. Wanneer DD het heeft over een opperwezen boven de vier landschapsengelen voel ik me misselijk worden.

Vraag: advies / opdracht / contact / waar vandaag aandacht aan geven?
Antwoord: warmte en liefde
Vrouwe.
Rood en Wit en geel, maar daar achter in de diepte zwart.
Vervolgens komen achtereenvolgens andere beelden op in onderstaande volgorde:

1. Draak
2. Uil
3. Haas
4. Paard (wit met vleugels)

Boven loopt energie en van boven komt groene energie in druppelvorm naar beneden

2. Wandeling op de hoge berg.

texelhogeberg0026

Cirkel met 6-deling. (Heilig getal 6 = 1+2+3 maar ook 1 x 2 x 3 )
Eeuwig vuur van de mythe is een metafoor
Plek heeft verbinding met verleden en “spirit”
Eigen waarneming: kleur groen en stilte

Je kunt hier komen voor steun en advies, dat is altijd al zo geweest.
Kijkend naar het bos aan de oostkant van de berg neem ik een lichte (witte) zuilvormige energie waar.

3 Aan de noordkant van de hoge berg

Waarneming: voelt als een vrouwenplek, aarde. Dit is een plek met energie.
De kleur is geel / oranje.
Wat inspireert me hier:

1. Gehinnik van een paard: plezier
2. Rode godin
3. Energie die van bovenkomt : geel
4. Wind

BOOSHEID: BOEM

Dat hoort niet hier op dit tijdstip en in deze tijd. Waar komt het vandaan?

Ik laat me in de aarde zakken naar een enorm grote “middeleeuwse” zaal. Het is een grote zaal, middeleeuws is mijn benaming omdat ik geen ander soort beschrijving weet van een hoge donkere zaal vol met mensen, maar het is absoluut niet middeleeuws. Er is een groot haardvuur dat oranje licht uitstraalt en er zijn veel mensen. Er zijn daar een aantal die graag een gevecht met me aangaan. Hoe harder hoe liever wat mij betreft en ik gooi met vuurbollen, houdt een zwaardgevecht. Ik overleef de agressie en verbind me dan weer met boven en keer terug naar het pad. De grote woede is weg.
Wat veroorzaakte op dit moment hier in deze tijd die woede?
Ik weet het niet, het kwam ineens hier op. Met DD daar over redenerend: familiaire geschiedenis??

In ieder geval kan ik weer lachen en ik weet dat het niet iets van mij zelf op dit moment is.

4 We gaan eten in een landje aan het begin van de weg.

We wandelen over het pad tussen de tuinwallen naar de zandkuil.
In een groot aantal bomen onderweg neem ik gezichten van mannetjes (kabouters / mensen / elven) waar.

5 Bij de zandkuil zie ik weer dezelfde lichte energie die ik waarnam bij de tweede stopplek.

Bij de zandafgraving in het bos neem ik slangenenergie waar. Bij de zandkuil, deel van de zandafgraving, voelt de energie licht en vrolijk. In het andere gedeelte van het bos voelt het voor mij veel zwaarder, en zeker niet vrolijk meer.

Dagafscheid

texelj041105strand0006

Weer aan het waddenstrand zitten we op een rij op de dijk want het is vloed en het strandje is verdwenen. De korte golfslag slaat op de kust. Zeilboten varen over de waddenzee, één is een klipper. Achter ons de zon en vanuit het vaste land komt wat heiigheid opzetten. We mediteren vanuit verschillende polen.

Koffie in het restaurant bij de boot, met een “vreemde” ober. Afscheid van L. die teruggaat naar de vast wal. Wij blijven allemaal de nacht nog, in tent of in huisje

Strandwandeling in het donker

We lopen over een smal weggetje onder de melkweg. Mars in het oosten. Links van Mars een groepje sterren, dan weer wel, dan weer niet zichtbaar: de Pleiaden. Onder de Pleiaden de stier en daaronder zit Orion, maar de drie sterren van de gordel zijn (nog) niet zichtbaar dus herkennen we hem niet.
Er is geen maan, die is rond 4 uur ondergegaan, bovendien is het bijna nieuwe maan.

In het noorden is de Grote Beer duidelijk zichtbaar boven de zee. Boven de Grote Beer is de Kleine beer te zien en de Draak.

In het Noordoosten, hoog aan de hemel Cassiopeia (W-vormig sterrenbeeld)
De melkweg loopt er door heen, helemaal over onze hoofden.
Heldere sterrenbeelden zien we. A. kan er wat meer over vertellen.
Onderweg drie vallende sterren. Mijn hart voelt licht en ik geniet hier van.

Een lange weg door en over de duinen. Het vuurtorenlicht verstoort de duisternis met vaste regelmaat. Kruidig gras, ruik ik en struikel ik over.

En dan wandelen we ieder op zich over het lange noordelijke strand waar de golven van de Noordzee in een ander ritme op de kust rollen dan aan de zuidkust. Het is warm. Het eeuwigdurend ritme van de zee klinkt kalm als op een nieuwetijds CD.

Op het strand ontdekt Aa lichtende wezentjes. Ze lijken op strengen touw en wanneer een voet of hand er over heen gaat geven ze licht af. We aaien ze en onze handen tintelen. Lopend over het strand laten we lichtende voetstappen achter, die langzaam uitdoven.

Seabhac Nathair

Ervaringstocht naar Wieringen

Wieringen! Een landschap in dat we nog niet kennen en dat verrast door haar heuvels en kerkjes.

Het is januari 2006

Wij zijn laat. Ons dorp, de grond, ons huis vertragen onze bewegingen, gedachten en activiteiten zodat we een half uur later vertrekken dan we besloten hadden. Het vriest en de wind is ijzig koud. Autootje wil wel. Al snel op naar de 140 en zo – zoef zoef – door Groningen, Friesland, over de Afsluitdijk en dan de eerste afslag. Een landschap in dat we nog niet kennen en dat verrast door haar heuvels en kerkjes.

We zijn ruim op tijd bij de oude kerk in Oosterland. Mijn eerste indruk die ochtend is van een hardheid en strengheid. Wanneer ik mijn handen op de tufsteen leg komt er een “oude” warmte door heen. Mooi materiaal als je het van dichtbij bekijkt en voelt.
We begroeten D. en denken de eersten te zijn, maar DD staat er ook al met de anderen, op een andere plaats dan is afgesproken in de mail: iedereen van de cursus is er, en er zijn twee gasten. Na begroeting en het drinken van thee en koffie gaan we naar het water.
We begroeten de Waddenzee.

Het is ijzig koud en er staat een matig Waddenzeeharde wind vanuit het oosten. In het water liggen hier en daar vierkante plakken “gras”. Het water fluistert dat ze menselijke woonplaatsen overspoelt en terwijl ik kijk is het, alsof hier en daar de grond wat omhoog komt en ijle zandduinen verschijnen. Ze lossen weer op en ik zie alleen nog maar het water en de waddengrond en voel de koude wind door mijn kleren heen.

Na een aantal minuten zie ik halverwege de horizon de kleur van de zee veranderen in meer groen. En het licht erboven verandert in een zacht groen. Alsof er een reep lucht/water een andere energie heeft. Een klein rond lichtje verschijnt in het noordwesten en verdwijnt weer, even later schiet er een lichtje door de lucht meer naar het noordoosten.

De Sint Michaëlskerk van Oosterland.

Komend uit het noorden, zie ik een uil zich kort manifesteren in de heg rondom het kerkhof. Ik blijf staan en bekijk de drie gouden windvanen: een scheepje op het schip, een loeier van een haan op de toren en de vlag van Wieringen met z’n meerminnen en ganzen op het koor.

Wanneer ik om de kerk wandel voel ik in het Oost-Noord-Oosten een warme energiestroom, een heel zacht aanvoelende energiestroom.

Doorlopend langs de zuidkant voel ik een steek in mijn linker schouder. Net nadat ik voorbij twee grote zwerfstenen die op de rand van een tuin zitten ben gelopen. Au, dat voelt daar beslist niet lekker. Voor de kerk scharrelt een merel in de bladeren en is niet bang als ik voorbij kom, hem gedag zeg en verder ga. De kerk is open. Iemand is bezig het verhaal van de restauratie te vertellen aan DD en diegenen die al binnen zijn.

Wat een verrassing hier binnen. En wat een warmte. Tufsteen met keien. Keien en tufsteen. Wat een vuur!

Lopend door deze kerk word ik helemaal ontroerd. Iets in mij voelt zich op een prettige manier aangesproken. Ik wil gaan zingen, maar onderdruk de neiging. Ter hoogte van de deur in het zuiden loopt een baan van Zuid naar Noord, die me de aarde in duwt. De zwarte en grijze stenen die de vloer vormen hebben een patroon dat ik niet kan ontdekken, maar dat ik wel zou willen ontdekken. Een aantal grafstenen hebben tekens. Ik noteer er twee om uit te zoeken wat ze betekenen, want in Deventer kwam ik die ook al tegen.

De crypte voelt als een “heilige” plaats.

Drie sarcofagen, van binnen bewerkt met kronkelende lijnen.

Het getal 7 komt hier voor in de crypte. Vreemd? In het Oosten ontbreekt alleen een opening die er naar mijn gevoel moet zijn (geweest)

Alles in deze kerk is hersteld met liefde en aandacht.

Ten westen van de kerk zijn rond 1999 twee Vikinggraven vol schatten gevonden.

Vikingen: een voorouder steekt zijn kop hier op.

Kraaien verwelkomen me als ik de kerk uit kom. Die had ik zo net nog niet gezien of gehoord.

De kerk van Oosterland zou een Wi-Heiligdom van de Vikingen zijn geweest. In die tijd bestond het heiligdom uit een driehoekige vorm, die aangegeven was door drie hoge staande zwerfkeien, ook wel menhirs genoemd.

Waddenzee op een andere plaats, bij een kleiput.

DD zegt dat hier zeemeerminnen zijn en een zeevrouwe.

Ik zit op de dijk in de ijzige kou, mijn blik op de zee en lucht.

Er verschijnt in zee een nederzetting met vrolijke, grote sterke mensen. Ze lost na een minuut weer op. Een zeewezen verteld me dat hier veel plekken zijn die bewoond zijn geweest door mensen. ( En zondag daarna lees ik in de encyclopedie op internet: In de oudheid lag Wieringen aan een rivier Maresdeop, Texel lag aan de andere kant van deze rivier. Tegenwoordig is het restant van deze rivier het Marsdiep)

Waddenkust bij WieringenIk probeer “in te tunen” op de zeemeerminnen, maar er zijn een groot aantal aardse wezentjes, die mijn aandacht opeisen en me uit de concentratie weg trekken. Twee vogels zeggen dat ze me de plek zullen wijzen, waar op dit moment meerminnen zijn. Het is ver weg bijna aan de horizon, ten Noord-noord-Oosten van me. Ik ga op weg er heen. Een eend lacht en ik heb het gevoel dat hij me uitlacht. Een scholekster vliegt laag over het water en schreeuwt en roept en komt vervolgens met een maatje terugvliegen naar het westen.

Het is hier “stiller” dan op de eerste plek bij de Waddenzee. Er zijn hier wel meer wezentjes in en rond het water.

Een eind verder, op de wadden, worden de lucht en de zee wat lichter en wordt de zee groener. Een lichtje verschijnt en verdwijnt vervolgens richting oosten. Nog twee lichtjes verschijnen na elkaar en verdwijnen weer voordat ik me er echt op kan richten.

Hobbits

We reizen verder. Een landweggetje bij Vatrop (dorp bij zee) en DD die op een houten hoorn blaast en vrolijkheid oproept.

Volgens hem zijn dat de Hobbits.
Lunch.

wieringen-kl-0023klJe houdt het toch niet voor mogelijk?. Een picknick.!

Er heerst veel vrolijkheid. We slaan flink wat naar binnen

Noord-Stroe

In Noord-Stroe gaan we op zoek naar “Sammelkes”, een soort kabouters.

Direct bij het betreden van een laag, wild en ruig stuk land verschijnt er een klein wezentje voor me. Hij is oud, intelligent, zeer wijs, nieuwsgierig en openhartig en zijn haar staat alle kanten op. Hij doet me denken aan Einstein. Ik vraag hem of hij familie is van de kabouters die bij ons in de buurt wonen. Hij zegt dat ze contact met elkaar hebben maar wel van een ander ras zijn, een soort neven. Zijn gemeenschap bestaat uit een flink aantal wezens. Ze hebben contact met de boerderijen die een paar kilometer verderop zijn. Ze hebben ook vervoer, een soort gangen die ze in kunnen stappen en waardoor ze met de snelheid van licht door verplaatst kunnen worden. Ze wonen niet op de plaats waar wij nu zijn maar verder weg. Hij is hier omdat wij hier zijn en vooral op dit moment omdat ik daar ben.

Wanneer ik hem vraag wat ze doen antwoordt hij dat ze zorgen dat de aarde is “zoals ze zijn moet”.  Als ik hem uiteindelijk vraag of hij nog iets aan mij wil meedelen over mezelf begint hij te lachen en wordt dan heel ernstig. “Je weet het allemaal al lang, je moet het je alleen herinneren en het gaan gebruiken”.

Wij aardemensen delen ervaringen, gezeten op een hoge wal langs dit diepe stukje land. Een grote groep ganzen komt uit het oosten en vliegt rond over een akker. Ze roepen voortdurend naar elkaar terwijl ze heen en weer zwermen en dan strijken ze neer en wordt het stil.

Volgende stop is de steen van Westerklief.

Maar op weg daarheen zie ik KIEVITEN ! De eerste voorbodes van de komende lente.

De steen is heel oud en verweerd. Volgens mij is ze ooit, lang geleden bewerkt. Ze staat niet meer op de plaats waar ze oorspronkelijk stond en er komen geen beelden van een oud verleden bij mij op wanneer ik haar aanraak.

Een vrouwfiguur zie ik in de steen.

DD geeft ons oefeningen op om later thuis en elders te doen:

  • Zet eens stenen overeind in je tuin.
  • Wat is hun beste richting?
  • Wat is de functie van de steen?
  • Wat is de kwaliteit van de steen?
  • Wat is de taak van de steen?
  • Wat de relatie met mensen van deze steen?

Een laatste plek: het wezen van Wieringen

En dan een kop warme soep in Hippolytushoef en naar huis

Links:
Pagowirense

Wad anders

Er zijn plannen om een randmeer aan te brengen zodat
Wieringen weer een eiland wordt.
Geen slecht idee lijkt mij. http://www.wieringerrandmeer.nl/

Inwijding

In januari 2006 heb ik de Reikimastersopleiding voltooid en in juni van dat jaar kreeg ik mijn  eerste Shamballa inwijding. Inmiddels is Shamballa niet meer een weg die veel mensen volgen, maar tien jaar geleden was ik er intensief mee bezig. Hieronder een verslag wat er gebeurde bij de inwijding.

Meditatie
Vooraf aan de inwijding werd er een geleide meditatie gehouden, waarbij we ons met een zilveren koord verankerden aan een kristal in de aarde en met een gouden koord ons verbonden met vader-moeder God.
Shamballa
Op weg de aarde in kwam ik een Dolfijn tegen die Charioli heette. (Charioli is de naam van een kruid/noot Chironji, botanisch Buchanania lanzan)
Ze gaf me “liefde” mee.
Vervolgens kwam ik een walvis tegen die de naam Okira droeg. Okira betekent kangaroe, maar ook “terug komen” in een Micronesische taal.
Hij gaf me genezing mee.

Vervolgens kwam ik in gangen met oranje kristallen, amethist en lichtblauwe sulfiet.
In het midden van een grote grot lag een stralend wit / lichtblauw kristal dat bijna verblindend licht uitstraalde. Ik nam het mee naar boven en hield het ter hoogte van mijn hart.

Het gouden licht van boven vermengde zich met het zilveren van beneden en met het kristallicht.

De inwijding
De energie rondom mij werd heel sterk. Mijn haren gingen ervan overeind staan en er verscheen een lichtblauw licht in mijn open handen.

yvn
Tijdens de activatie werd de energie anders en bij de links en rechtsdraaiende chokurai voelde ik ontroering en een zachte roze energie stroomde over mij en door mij. Mijn hart klopte helder en stabiel.
Aan het eind van de ceremonie zag ik rode energie rondom mijn voeten, deze energie stroomde in de vorm van kristalrasters. Daarna voelde ik weer een heel sterke energie door heel mijn lichaam stromen.

Kaartje dat ik daarna trok:
Zielenlicht: je bent geborgen

Het laatste uur van deze dag werd besteed aan het “oefenen”

Terwijl E. bezig was bij mijn hoofd voelde ik dat iets anders bezig was bij mijn bronchiën en toen ik keek zag ik twee in het wit geklede gedaantes naast me staan. Voor mijn gevoel waren ze op deze plaats aanwezig. Volgende keer zal ik het ze vragen, want ze kunnen ook bij E. of bij mij zelf zijn.

Taxus

De oude taxus is mijn oermoeder, vertrouwd en veilig. Ik bezoek haar graag. Een helder “welkom dochter” klinkt terwijl ze haar warme krachtige energie om mij heen zet.

De energie van haar vortex voert me naar beneden, ze draagt me als in een lift.

image

Aan de voet, diep in de aarde zijn de bronnen. Bij één ervan zie ik mijn vrienden Ata en Ada die met hun voeten in het water zitten.
Zonlicht glijdt omlaag de aarde in en doet hun aura helder oplichten en geeft hun elk een gouden kroon.

“Laat je verdriet hier maar los” zegt de taxus, “ze zullen mijn bron voeden” en ik voel de tranen over mijn wangen stromen. Wanneer mijn tranen opdrogen voert de straal in de vortex me omhoog, langs mijn vriend Richard die net naar beneden daalt met zijn kleine begeleider.
Ik ga steeds verder omhoog en boven in de taxus zit de adelaar, zijn scherpe blik ziet alles.

“Ga maar mee” nodigt de adelaar me uit en ik stap op zijn rug. Hij spreidt zijn vleugels. We vliegen omhoog over de omgeving en stijgen imhoog op de opgaande winden; we zweven en cirkelen in grote spiralen, steeds hoger, hoger en hoger, de wind streelt mijn gezicht en strijkt door mijn haren, de zon kust mijn huid.

Beneden ons zie ik de omgeving zich morphen naar de huidige tijd en dan daalt de adelaar en plaatst me weer aan de voet van de moeder. Dank je wel voor de kado’s!

Stone Henge

Stonehenge ‘s morgens vroeg om 06:15 uur. We zijn met een groepje vrienden en een kleine groep Amerikanen binnen gelaten door het hek.

Op afstand van de cirkel voel ik een onzichtbare energetische buitencirkel die mij tegenhoudt: “kom helemaal in je zelf” hoor ik in mijn hoofd.

Leeuweriken beginnen te zingen wanneer ik de cirkel nader.

Ik zie heel veel energie. Omhoog zie ik rechte energielijnen stijgen en naar beneden neem ik spiraalvormige energie waar.

Stone hengeIk mediteer met de rug tegen een steen van de binnenste cirkel aan en krijg heel veel beelden van mensen die hier komen en gaan. Het is lang geleden dat ik zulke heldere beelden gezien heb en zo veel waarnemingen tegelijk. Ik zit op dat moment in het westen binnen in de cirkel. Een van de beelden is de “henge” in volle glorie. Een ander beeld is van 4 donker geklede magiërs die snel op mij afkomen. Het beeld stopt voordat ze bij mij zijn.

Er loopt een echte magiër hier rond, een Amerikaan die zo uit het Egyptische rijk zou kunnen zijn gestapt. Wanneer ik rondloop ervaar ik hem als zeer overheersend, hij praat te veel en te nadrukkelijk.

Als ik in het oosten zit zie ik andere beelden, een godin en de naam Arrianrhod komt in mij op. Later vind ik hier iets over op internet, een godin als Kali.

Arianrhod (aree AN rod), whose name means “Silver Wheel”, is a Goddess of fertility, the full moon, the stars, regeneration, and reincarnation, whose pathway is an eternal quest or thread that has no beginning or end. The spirit of Arianrhod is a symbol of prophecy and dreams. As a meditative glyph, She provides a glimpse of both the past and future, but the traveller must follow the Spirit of Arianrhod with an open heart and mind. She controls the time dimension that allows access to the whirlpool of Creation; an enigmatic vision of the universe as perceived by the Celts. She is the personification of the ever-turning Wheel of the Year. This wheel was also known as the Oar Wheel, a ship that carried dead warriors to the Moon-land (Emania). She is a primal figure of female power and authority and is considered an Ancestral Goddess of the Celts. The key to the nature of this Goddess is that She is a weaver, in control of the interactions of human lives and of the matter of creation itself. In Irish tradition we find that the Goddess of the Land of Erin may manifest as a weaver. She lives in a stellar realm, Caer Arianrhod – otherwise known as the Corona Borealis, with her female attendants and there she decides the fate of the dead. The Corona Borealis is the self-same constellation that is associated with Ariadne, a Greek resonance of Arianrhod. She is a very sexual Goddess and mates freely with any man she chooses, whenever she chooses, as her body is hers to do with, as she wants. For this reason she is often in open rebellion against patriarchal society. Many believe that her myths represent the shift from the time of Celtic women’s full freedom to that of malecentered clans and male domination of women.

“Het is nu genoeg geweest” zeggen de stenen in het midden.

Ik ga toch nog een keer terug op blote voeten. Wil foto’s maken, maar de batterijen van mijn camera zijn leeg.

Wanneer ik buiten de steencirkel zit, heb ik veel waarnemingen zowel beelden als energieën. In de stenen zie ik mensen, in elke steen neem ik een ander mens waar. Sommige praten, anderen knipperen met de ogen, enkelen zijn zwijgzaam en stil.

Het uur is voorbij. We gaan  buiten Stonehenge, in een veld in het noordoosten van de henge met elkaar ontbijten en rusten.

Mijn staf van hazelnotenhout maakt zich vervolgens onzichtbaar en verdwijnt. Niemand ziet hem weer.

Die heb ik niet meer nodig.